Korte reactie op ‘Inspiratieboek voor de NME/EDO-professional’

Wiki NME Podium
 

Korte reactie op ‘Inspiratieboek voor de NME/EDO-professional’

Chris Maas Geesteranus23 maart 2015 - Chris Maas Geesteranus,

Dit boek, in ringband, is geschreven door een vijftal medewerkers van de universiteit Antwerpen (op één na van de onderzoeksgroep Edubron). De uitgave kwam in 2015 tot stand in samenwerking met de provincie Antwerpen en een aantal praktijkorganisaties. Uit de samenvatting: “Belangrijke boodschappen die het boek wil meegeven zijn het stellen van duidelijke doelen bij een activiteit en het evalueren van het al dan niet bereiken van die doelen. Het boek sluit af met 21 aanbevelingen voor een doelgerichte en doeltreffende NME/EDO-praktijk. Zo wil het boek je uitdagen om na te denken over het belang dat aan kennis wordt gehecht, over meer affectieve uitkomsten zoals attitudes en verbondenheid, over hoe ‘open’ of ‘gesloten’ en hoe doelgroepgericht en –specifiek activiteiten worden opgezet, over hoe het sociale karakter van leren een plaats vindt in jouw educatieve aanbod, over je eigen rol in dit geheel en over nog heel wat meer”.

De belangrijkste reden dus om dit boek ter hand te nemen, lijkt dus: reflectie op waarmee je bezig bent in je werk. En dat aan de hand van een aantal hoofdstukken die alle een stevig wetenschappelijk karakter hebben. Met steeds verwijzingen naar literatuur achter ieder hoofdstuk (‘Meer lezen’) én aan het eind van het boek in een 93-tal artikelen, boeken en rapporten is opgenomen. Daar kom ik later nog op terug.

 

Een bijzonder boek, en wel hierom:

  • Het geeft praktijkwerkers de kans grondig na te denken over planning, uitvoering, evaluatie e.d. van het eigen werk.
  • Ieder hoofdstuk geeft een systematisch overzicht van onderwerpen die binnen dat hoofdstuk vallen en die zijn gebaseerd op wetenschappelijke inzichten.
  • De in wetenschap geïnteresseerde medewerker kan naar hartelust graven in de literatuuropgaven.
  • Door het hele boek zijn er ook praktijkvoorbeelden.
  • Het is geen boek dat je achter elkaar hoeft te lezen; meer een naslagwerk.
  • Het is gemakkelijk vindbaar en gratis, zie www.provincieantwerpen.be/aanbod/dlm/natuur--en-milieu-educatie.html.

 

Mij vallen diverse zaken op; daarom geef ik hieronder kort commentaar op een aantal hoofdstukken.

 

 

 

Hoofdstuk 2: Milieupsychologie

Typisch dat het boek met zo’n hoofdstuk begint want termen als ‘milieugedrag’, ‘boodschap’, ‘veranderen’ en ‘draagvlak’ doen meer denken aan communicatiewetenschappen en campagnetaal dan aan leerprocessen. Bovendien is de discussie over het doel van NME/EDO naar mijn mening langzamerhand veel meer de richting op gegaan van bewustwording, betrokkenheid, medeverantwoordelijkheid e.d. Met als consequentie dat de lerende zelf, naar aanleiding daarvan, zijn/haar handelen bepaalt. Ik heb de indruk dat doelen als gedragsverandering in de educatie wat ‘achterhaald’ zijn. Hier doet zich ook het probleem voor (net als in de andere hoofdstukken) dat er een veelheid aan theorieën wordt geboden maar niet wordt duidelijk onder welke omstandigheden je de ene of de andere theorie het beste kunt gebruiken.

 

Hoofdstuk 3: Leer- en educatietheorieën

Dit hoofdstuk doet meteen veel ‘prettiger’ en herkenbaarder aan wanneer we het over educatie en leren hebben. Maar ook hier ontbreekt een duidelijk schema met indicaties wanneer een bepaalde theorie of werkwijze het best kan worden gebruikt. We kunnen nu eenmaal niet verwachten dat praktijkwerkers de tijd hebben de verschillen tussen leerstijlen en –theorieën precies te doorgronden.

 

Hoofdstuk 4: Het opzetten en evalueren van effectieve NME/EDO-praktijken  

Het lijkt wel alsof dit hoofdstuk weer een geheel ander karakter heeft dan hoofdstuk 3.  Opnieuw wordt veel ‘communicatietaal’ gebruikt. Een voorbeeld is op blz. 64 de opsomming van doelen over het onderwerp ‘dassenburchten; en op blz. 65 het kader 4.2. Dat wekt bij de lezer verwarring, verwacht ik.

 

Hoofdstuk 5: Praktijkwenken

Een interessant overzicht van veel gebruikte werkvormen maar natuurlijk niet volledig. Jammer dat de auteurs niet op het spoor zijn gekomen van het Groot werkvormenboek  dat 120 werkvormen geeft, geordend naar de specifieke doelen van een activiteit. Bij 1a valt meteen op dat men geen gebruik maakt van de ervaringen van bijvoorbeeld de Stichting Veldwerk Nederland of een Vlaamse zusterorganisatie. Men verwijst naar een boek van twee auteurs (Gant en Littlejohn) dat niet op internet te vinden is. Waarom? Hetzelfde geldt voor 1h: waarom niet gebruik gemaakt van het werkvormenboek van het IVN of van ervaringen van het Vlaamse CVN? Die laatste organisatie heeft immers, als voorbeeld, een tweetal interessante brochures over duurzame ontwikkeling uitgegeven; zie: www.c-v-n.be/nl/projecten/edo-kompas_19.aspx. Paragraaf 4 van dat hoofdstuk doet wat merkwaardig aan: a, b en c lijken zoveel op elkaar dat die goed in elkaar kunnen worden geschoven. Er zal ongetwijfeld een wetenschappelijk onderscheid zijn maar dat lijkt me te klein om het in een boek als dit op te nemen. Wat ik in dit deel ook niet terugvind, is het (althans in Nederland populaire) IVN-project Scholen voor Duurzaamheid (www.scholenvoorduurzaamheid.nl/). In plaats daarvan komt het boek met een voorbeeld uit de Filipijnen wat toch jammer is.

 

Hoofdstuk 6: Aanbevelingen voor en effectieve praktijk 

Dit is een hoofdstuk waarin veel aspecten van de voorgaande teksten in het boek terugkomen en wel op een manier die heel concreet aanwijzingen aan de lezer geeft hoe te handelen ; prima. Misschien hadden al deze punten aan het eind van de desbetreffende hoofdstukken nog beter tot hun recht kunnen komen, juist om het toch wel theoretische karakter van het hele boek iets toegankelijker te maken.

 

Referenties

Bedoeld voor diegenen die graag dieper ‘graven’. Het valt meteen op dat er heel veel naar Amerikaanse literatuur wordt verwezen, veelal oudere literatuur. Dat is merkwaardig en, wat mij betreft, ook jammer. Ten eerste denk ik dat de leercultuur in de VS een wat andere oriëntatie heeft dan wij hier gewend zijn (wat ‘geslotener’, zou ik zeggen). Ten tweede is de literatuur vaak te theoretisch voor werkers in de praktijk, schat ik in. Ten derde kan ik niet goed begrijpen waarom zo weinig literatuur uit de eigen, Europese, omgeving is gebruikt: België (Vlaanderen) zelf, Nederland, Duitsland, Engeland, Scandinavië.

 

Nawoord

Het voorgaande zou tot de conclusie kunnen leiden dat men niet zoveel aan dit boek zou hebben. Integendeel, ik beschouw het als een unieke poging om de professionalisering van de lezer te ondersteunen. Naast de grote kwaliteiten van het boek heb ik echter gemeend een aantal – voor mij – tekortkomingen aan te duiden die ten dele bedoeld zijn voor de lezer, ten dele voor de auteurs, mocht het tot een bewerkte versie komen. Wat dat laatste betreft zou het goed zijn NME en EDO qua methodische aanpak meer te onderscheiden. Immers, de laatste vorm van educatie vraagt vooral qua didactiek en werkvormen misschien toch een wat andere aanpak dan wat NME gewoonlijk vergt, juist omdat de thematiek vaak zoveel complexer en ‘mondialer’ is. En ook daar is langzamerhand voldoende literatuur van Vlaamse en andere Europese organisaties voorhanden om juist die reflectief aan de orde te stellen.

 

Tenslotte denk ik dat dit vooral een uitstekend boek is om tijdens na- en bijscholingscursussen te gebruiken: in Vlaanderen bijvoorbeeld de Vlaamse NME-dagen en in Nederland de Oriëntatiedagen (of: bij het stoppen van de financiering, een opvolger daarvan) en het zgn. Onderzoeksberaad

 

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Meer duurzame scholen noordelijke provincies door samenwerking

13-02-2017 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Mars Ambassador Program

05-12-2016 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Buurtbaten

13-06-2016 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

Stan Frijters

Leren voor Duurzame Ontwikkeling. Gewoon doen!

07-03-2016 - Stan Frijters, Projectleider/docent Stoas Vilentum Hoogeschool

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Groen Gaat Goed

15-02-2016 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Veranderen door de ‘grootst mogelijke kleine stap’

14-09-2015 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

 Hak van Nispen tot Pannerden

Sociale verzorgingsstaat of een sociale samenleving?

27-07-2015 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

Bart de Koning

Cursus Peuters in het Wild

18-05-2015 - Bart de Koning, Natuur is een feest

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Samen leven in de energieke samenleving

04-05-2015 - Hak van Nispen tot Pannerden, directeur SME Advies

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Reisleiders in Duurzaamheid

16-03-2015 - Hak van Nispen tot Pannerden, directeur SME Advies

 

Jeroen Onck

NME make-over

22-01-2015 - Jeroen Onck, Senior adviseur Utrecht Natuurlijk

 

Jan van Boeckel

Artbased environmental education

24-12-2014 - Jan van Boeckel, Adjunct and Program Director in Design Theory at Iceland Academy of the Arts

 

Vivian Siebering

Bomen groeien níet tot in de hemel

14-11-2014 - Vivian Siebering, Eigenaar ViSie Training & Advies

 

Linda IJmker

Laatste dag UNESCO Conferentie

12-11-2014 - Linda IJmker, Manager GroenGelinkt

 

Linda IJmker

Shaping the future we want

11-11-2014 - Linda IJmker, Manager GroenGelinkt

 

Linda IJmker

GroenGelinkt in het Japans

09-11-2014 - Linda IJmker, Manager GroenGelinkt

 

Jeroen Onck

Natuur biedt leerzame perspectieven. NME omarmt “Leren van de natuur”

20-08-2014 - Jeroen Onck, Senior consulent natuur, milieu en duurzaamheid bij Gemeente Utrecht

 

Petra Jansen, Farasha Educatief

Een andere blik op een betere wereld

14-07-2014 - Petra Jansen, Farasha Educatief , Petra Jansen werkt bij Veldwerk Nederland, geeft les op de Marnix Academie en heeft een eigen bedrijfje Farasha Educatief. www.farasha-educatief.org

 

Chantal Overgaauw

Regels frustreren vergroening buitenruimte

03-07-2014 - Chantal Overgaauw, Woordlicht, communiceert over natuur en NME, traint docenten/pedagogisch medewerkers en neemt kinderen mee naar buiten.

 

Hak van Nispen

Meestribbelaars

16-06-2014 - Hak van Nispen, Directeur SME Advies

 

Arjen Wals

Education and citizen science

24-05-2014 - Arjen Wals, Professor of Social Learning and Sustainable Development

 

A.A. Mabelis (Bram)

Vrije tijdsbesteding van kinderen

24-04-2014 - A.A. Mabelis (Bram), Externe medewerker, Alterra Wageningen UR

 

Chantal Overgaauw, Woordlicht

Regen

12-02-2014 - Chantal Overgaauw, Woordlicht, communiceert over natuur en NME, traint docenten/pedagogisch medewerkers en neemt kinderen mee naar buiten.

 

Jeroen Onck

Nieuwjaarsfabel

06-01-2014 - Jeroen Onck, Senior consulent natuur, milieu en duurzaamheid bij Gemeente Utrecht

 

Jeroen Onck

De ongemakkelijke nuance

17-11-2013 - Jeroen Onck, Senior consulent natuur, milieu en duurzaamheid bij Gemeente Utrecht

 

 Hak van Nispen tot Pannerden

Scholen zijn rampzalig!

24-10-2013 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

Hak van Nispen tot Pannerden

Eerste dinsdag van september is nieuwe Prinsjesdag

02-09-2013 - Hak van Nispen tot Pannerden, Directeur SME Advies

 

Arjen Wals

Why sustainability cannot and should not be taught: a call for reflexivity, transformation and deep learning in turbulent times

04-03-2013 - Arjen Wals, Professor of Social Learning and Sustainable Development

 

Arjen Wals

Fifty Shades of Green – why the Green Economy cannot be business as usual and ESD cannot be education as usual…

01-11-2012 - Arjen Wals, Professor of Social Learning and Sustainable Development

 

Arjen Wals

Action Research & Community Problem Solving and The Acoustics of Social Learning

21-09-2012 - Arjen Wals, Professor of Social Learning and Sustainable Development

 

Jeroen Onck

Nestwarmte, duurzame bron van energie?

29-06-2012 - Jeroen Onck,

 

NMEpodium is een samenwerkingsverband van IVN, GDO, Veldwerk Nederland, SMEAdvies en VVM Sectie NME en is financieel mogelijk door het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.